Welstandseisen

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Verreweg de meeste gemeenten vinden dat er voor de bouwwerken in de gemeente redelijke eisen van welstand (schoonheidseisen) moeten gelden. Er zijn weinig gemeenteraden die kantoor huren hoogeveen gebruikmaken van de mogelijkheid van art. 12 lid 2 Wonw om te besluiten dat deze eisen niet gelden. Gewoonlijk gelden er dus redelijke eisen van welstand. Hoe burgemeester en wethouders van de gemeente moeten beoordelen of een bouwwerk in strijd is met redelijk eisen van welstand, staat in de welstandsnota die de kantoor huren nieuwegein gemeenteraad vaststelt. Het uiterlijk van een bouwwerk mag niet in strijd zijn met redelijke eisen van welstand (art. 12 lid 1 Wonw). De beoordeling daarvan moet gebeuren naar de criteria in de welstandsnota. Burgemeester en wethouders beoordelen aan de hand van deze criteria of het uiterlijk en de plaatsing van een bouwwerk of standplaats, waarop een aanvraag om bouwvergunning betrekking heeft, zowel op zichzelf beschouwd als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan in strijd zijn met redelijke eisen van welstand; of het uiterlijk van: 1° een kantoor huren hoofddorp bestaand bouwwerk, met uitzondering van een tijdelijk bouwwerk, 2° een bestaande standplaats, 3° een te bouwen bouwwerk voor het bouwen waarvan op grond van art. 43 geen bouwvergunning is vereist, in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand (art. 12a lid 1 Wonw).
Voor bestaande bouwwerken is dus van belang dat ze niet in ernstige mate in strijd zijn met redelijke eisen van welstand. Voor bouwvergunningplichtige bouwwerken is van belang dat ze niet in strijd zijn met redelijke eisen van welstand.
•Voorbeeld Denkbaar is dat een kantoor huren emmen eigenaar het uiterlijk van een gebouw ernstig verwaarloost of een bepaalde verf aanbrengt waardoor de schoonheid in ernstige mate wordt aangetast; burgemeester en wethouders moeten dat beoordelen aan de hand van de criteria in de door de gemeenteraad vastgestelde welstandsnota.

Exploitatieplan

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Vaststellen exploitatieplan en de onderdelen ervan De gemeenteraad stelt het exploitatieplan vast voor gronden waarop een bouwplan is voorgenomen dat vermeld is in het Bro. Het gaat niet om kleinschalige bouwplannen. Art. 6.2 Bro wijst aan a de bouw van een of meer kantoor huren hoogeveen woningen; b de bouw van een of meer andere hoofdgebouwen; c de uitbreiding van een hoofdgebouw met ten minste 1000 m2 of met een of meer woningen; d de verbouwing van een of meer aangesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren, voor woondoeleinden, mits ten minste 10 woningen worden gerealiseerd; e de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere kantoor huren nieuwegein doeleinden in gebruik of ingericht waren, voor detailhandel, dienstverlening, kantoor of horecadoeleinden, mits de cumulatieve oppervlakte van de nieuwe functies ten minste 1 000 m2 bedraagt; f de bouw van kassen met een oppervlakte van ten minste 1000 m2•
Een exploitatieplan wordt gelijktijdig vastgesteld en bekendgemaakt met de ruimtelijke plannen die het bouwplan mogelijk maken. Het zijn 1 het bestemmingsplan, 2 de wijziging van het kantoor huren hoofddorp bestemmingsplan (art. 3.6 lid 1 Wro), 3 het projectbesluit of 4 het besluit tot afwijking van een beheersverordening (art. 3.40 lid 1 Wro).
Vaststelling van het exploitatieplan vindt plaats door de gemeenteraad. De vaststelling valt dan samen met zijn besluit bij 1, 3 en 4 of het besluit van
4.6 Financiële bepalingen 185
burgemeester en wethouders bij 2. Indien het nemen van het projectbesluit is gedelegeerd aan burgemeester en wethouders, kan daarbij ook het vaststellen van het exploitatieplan aan burgemeester en wethouders worden gedelegeerd.
De gemeenteraad kan ook besluiten geen exploitatieplan vast te stellen. Dat besluit wordt gelijktijdig met het besluit bij 1, 2, 3 en 4 genomen maar is alleen toegestaan als: · het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan of besluit begrepen gronden anderszins verzekerd is, én het niet noodzakelijk is een besluit te nemen over bepaalde zaken die bij een exploitatieplan (facultatief) kunnen worden geregeld. Deze facultatieve bestanddelen van het exploitatieplan zijn (art. 6.13 lid lc onder 4 en 5, en lid 2 onder b, c en d Wro): 1 een tijdvak waarbinnen de exploitatie van de gronden zal plaatsvinden; 2 een kantoor huren emmen fasering van de uitvoering van werken, werkzaamheden, maatregelen en bouwplannen, en zo nodig koppelingen hiertussen; beide als deel van de exploitatieopzet. Verder kan de gemeenteraad in het exploitatieplan opnemen: 3 eisen voor de werken en werkzaamheden voor het bouwrijp maken van het exploitatiegebied, de aanleg van nutsvoorzieningen, en het inrichten van de openbare ruimte in het exploitatiegebied; 4 regels omtrent het uitvoeren van deze werken en werkzaamheden; 5 een uitwerking van de uitvoerbaarheidregels in een bestemmingsplan of projectbesluit, die betrekking hebben op de woningbouwcategorieën.

Provinciale Staten

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Indien Provinciale Staten niet hebben besloten dat Gedeputeerde Staten de voor de verwezenlijking van het provinciale project benodigde besluiten nemen, ligt de bevoegdheid daartoe nog bij kantoor huren hoogeveen gemeente en waterschap. Het is mogelijk dat die bestuursorganen op grond van hun eigen beleid niet de besluiten willen nemen om het provinciale project naar de wens van de provincie uit te voeren. Meestal is er dan een conflictsituatie. De provincie heeft dan de mogelijkheid een besluit te nemen in de plaats van de bestuursorganen (art. 3.34 Wro). Gedeputeerde Staten kunnen de beslissing nemen indien een bestuursorgaan, uitgezonderd een bestuursorgaan van het Rijk, niet of niet tijdig overeenkomstig de aanvraag beslist, dan wel een beslissing neemt die naar het oordeel van Gedeputeerde Staten wijziging behoeft. Indien Gedeputeerde Staten voornemens zijn zelf een beslissing te nemen, plegen zij overleg met het bestuursorgaan dat in eerste kantoor huren nieuwegein aanleg bevoegd is te beslissen.
4.3.3 Rijkscoördinatie In geval van rijkscoördinatie moet eveneens eerst het ‘startbesluit’ tot coördinatie worden genomen, waarin wordt bepaald dat de verwezenlijking van een onderdeel van het nationaal ruimtelijk beleid het wenselijk maakt dat besluiten worden gecoördineerd. Het startbesluit kan bij wet worden genomen of bij een besluit van een minister in overeenstemming met (het gevoelen van) de ministerraad. Een besluit daartoe van een minister wordt toegezonden kantoor huren hoofddorp aan Tweede en Eerste Kamer. Aan het besluit wordt geen uitvoering gegeven dan nadat beide kamers daarmee hebben ingestemd. Met het besluit wordt geacht te zijn ingestemd indien geen van beide kamers binnen vier weken na de toezending van dat besluit een besluit heeft genomen omtrent de behandeling daarvan (art. 3.35 lid 8 Wro). Indien bij het startbesluit niet alleen wordt besloten bepaalde besluiten te coördineren maar ook een rijksinpassingsplan vast te stellen, wordt de kantoor huren emmen bestemmingsplanprocedure gevolgd voor de totstandkoming van het rijksinpassingsplan. Daarbij wordt de minister aangewezen die in de plaats treedt van burgemeester en wethouders en gezamenlijk met de minister van VROM in de plaats treedt van de gemeenteraad.

Het voorbereidingsbesluit

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

De situatie ten aanzien van gebruiken en slopen kan ook worden bevroren, maar dan moet het voorbereidingsbesluit worden ‘aangekleed’: om te voorkomen dat een gebied minder geschikt wordt voor de verwezenlijking van de in voorbereiding zijnde bestemming, kan bij het voorbereidingsbesluit worden bepaald, dat het verboden is bepaalde werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te slopen in de aangegeven gebieden of het gebruik van gronden of bouwwerken te wijzigen.
150 4 Wet ruimtelijke ordening
De werken of werkzaamheden mogen dan alleen plaatsvinden met een aanlegvergunning, het slopen alleen met een sloopvergunning en het gebruik wijzigen alleen met een (eventuele) ontheffing. Het kantoor huren hoogeveen voorbereidingsbesluit vervalt na een jaar (art. 3.7 lid 5 Wro), tenzij binnen het jaar een ontwerp voor een bestemmingsplan ter inzage is gelegd. Als de gemeente daarmee langer dan een jaar wacht, behoeven belanghebbenden daar niet onder te lijden: zij hebben het recht de geplande activiteiten te verrichten omdat die passen in het geldende bestemmingsplan.
Tegen een voorbereidingsbesluit staat geen beroep open: art. 3.7 Wro staat op de bijlage van de Algemene wet bestuursrecht, de negatieve lijst. Het voorbereidingsbesluit dient om een gebied acuut te beschermen. Zou wel beroep openstaan, dan zou er daardoor altijd nog wel tijd zijn om een aanvraag bouwvergunning in te dienen in strijd met het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan. De benodigde kantoor huren nieuwegein bescherming wordt dan niet bereikt.
Voorbereiding van het bestemmingsplan De minimumeisen aan de verplichte toelichting bij het bestemmingsplan geven al aan dat veel zaken van tevoren onderzocht moeten worden. Zeker als het een gebied betreft waar ontwikkelingen aan de orde zijn, zal de gemeente vaak specialisten moeten inschakelen. Burgemeester en wethouders die voor de gemeenteraad de besluiten moeten voorbereiden, zijn verplicht met de besturen van betrokken gemeenten en kantoor huren hoofddorp waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn, overleg te voeren (art. 3.1.1 Bro). Gemeenten, provincie en Rijk zullen in het overleg hun mening geven die gebaseerd kan zijn op een structuurvisie of – bij provincie en Rijk – op algemene regels: de provinciale verordening of een AMvB (zie hierover paragraaf 4.5). De meningsvorming van de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen zal eveneens plaatsvinden aan de hand van beleidsregels, bijvoorbeeld de Beleidsregels grote rivieren van de minister van Verkeer en Waterstaat ter voorkoming van bouwen in het gebied van de rivier of de beleidsregels van een waterschap op grond waarvan bij bouwplannen ook in extra oppervlakte water moet kantoor huren emmen worden voorzien. Onderzoek, overleg en inspraak leiden uiteindelijk tot de definitieve versie van het ontwerp-bestemmingsplan.

Een structuurvisie

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Een structuurvisie bevat de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling van het gebied (of van het beleidsaspect), alsmede de hoofdzaken van het door de gemeente, provincie of de minister te voeren ruimtelijk beleid. De structuurvisie gaat tevens in op de wijze waarop gemeente, provincie kantoor huren hoogeveen of de minister zich voorstellen die voorgenomen ontwikkeling van het gebied of het beleidsaspect te doen verwezenlijken. De structuurvisie wordt opgesteld in het belang van een goede gemeentelijke of provinciale of nationale ruimtelijke ordening (art. 2.1, 2.2 en 2.3 Wro).
Voor de gehele gemeente moet de gemeenteraad een of meer structuurvisies vaststellen. Dat geldt ook voor Provinciale Staten ten aanzien van de provincie en voor de minister van VROM ten aanzien van het kantoor huren nieuwegein gehele land. Een structuurvisie brengt voor een bepaald gebied (bijvoorbeeld Waddenzee, Groene Hart) de soms tegenstrijdige belangen van overheden, ontwikkelaars en maatschappelijke organisaties bij elkaar en doet daarvoor beleidskeuzes. Gemeenteraad, Provinciale Staten of een minister kunnen (het is niet verplicht) een structuurvisie vaststellen voor een beleidsaspect: bijvoorbeeld glastuinbouw, wonen in het buitengebied, hoogwaterbescherming, elektriciteitsvoorziening. Andere wetten dan de Wro kunnen wel een structuurvisie voor een beleidsaspect verplicht stellen: op grond van art. 9 van de Natuurbeschermingswet 1998 bijvoorbeeld kantoor huren hoofddorp moet een Structuurvisie Natuur en Landschap worden vastgesteld. 134 4 Wet ruimtelijke ordening
Indien een andere minister dan van VROM een structuurvisie vaststelt, doet hij dat altijd samen met de minister van VROM: die heeft immers de regie ten aanzien van het ruimtelijk beleid.
Er is geen formele koppeling tussen de structuurvisies onderling en tussen structuurvisies en besluiten. In beroep zal bijvoorbeeld een bestemmingsplan niet vernietigd kunnen worden alleen omdat er strijdigheid is met een structuurvisie; die laatste heeft primair een politiek-bestuurlijk karakter. Een structuurvisie kan overigens wel de motivering van (ruimtelijke) besluiten versterken en vergemakkelijken.
Een planologische kantoor huren emmen kernbeslissing, streekplan, structuurplan of regionaal structuurplan (planfiguren uit de WRO) wordt op grond van art. 9.1.2 Invoeringswet Wet ruimtelijke ordening gelijkgesteld met een structuurvisie. De concrete beleidsbeslissingen, besluiten die in die plannen konden worden opgenomen, behouden hun rechtskracht gedurende de looptijd van het plan.

Het houden van toezicht

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Het houden van toezicht moet goed worden onderscheiden van het opsporen van strafbare feiten, hoewel het in beide gevallen gaat om het achterhalen van feiten. Opsporing is alleen toegestaan indien er een redelijk vermoeden bestaat dat er strafbare feiten zijn gepleegd. Het doel van opsporing is het strafrechtelijk afdoen van de geconstateerde feiten. Voor kantoor huren hoogeveen het uitoefenen van toezichthoudende bevoegdheden is het niet nodig dat er een redelijk vermoeden bestaat van strafbare feiten. Een toezichthouder die tevens opsporingsambtenaar is, moet goed onderscheid maken tussen toezicht houden, en opsporen van strafbare feiten. Indien hij tijdens de uitoefening van toezichtstaken strafbare feiten constateert, zal hij de betrokkene duidelijk moeten maken dat hij niet tot antwoorden verplicht is. Laat hij dit na, dan kan het verkregen bewijs van de strafbare feiten wel eens onrechtmatig zijn verkregen en is het bewijs op basis daarvan uitgesloten.
In dit verband is het van kantoor huren nieuwegein belang erop te wijzen dat de Awb in zijn geheel niet van toepassing is op de opsporing en vervolging van strafbare feiten (art.1:6 Awb). Dit verklaart waarom een burger wel verplicht is om mee te werken bij de uitoefening van toezichtsbevoegdheden (art. 5:20 Awb), terwijl dit niet geldt voor een verdachte van een strafbaar feit.
In het algemeen zijn toezichtshandelingen feitelijke handelingen. Dit houdt in dat de burgerlijke rechter kantoor huren hoofddorp bevoegd is om kennis te nemen van klachten hierover. Voor zover toezichtshandelingen zijn te kwalificeren als besluiten, is de normale rechtsbeschermingsprocedure van de Awb van toepassing.
3.4.2 Sancties De sancties die bij de handhaving van toezicht openstaan zijn: de bestuursdwang en de dwangsom. Daarnaast komt een sanctiemiddel aan de orde dat (met uitzondering van bij subsidies) niet in de Awb is geregeld: het intrekken van een begunstigende kantoor huren emmen beschikking. De strafsancties (geldboete, hechtenis, gevangenisstraf) als reactie op overtreding van strafbepalingen en privaatrechtelijke sancties als reactie op nietnaleving van privaatrechtelijke normen, blijven hier buiten behandeling.

Typering beschikking

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Typering beschikking Een beschikking is een bepaald soort besluit, namelijk een besluit dat niet van algemene strekking is, met inbegrip van de afwijzing van een aanvraag (art. 1:3 Awb). De in hoofdstuk 4 opgenomen bepalingen aangaande beschikkingen gelden voor alle soorten flexplek huren amsterdam beschikkingen, variërend van de verlening van een bouwvergunning tot het verlenen van een koninklijke onderscheiding.
Aanvraag van een beschikking Onder een aanvraag kan worden verstaan ‘een verzoek van een belanghebbende aan een bestuursorgaan om een besluit te nemen’ (art. 1:3 lid 3 Awb). Uitzonderingen daargelaten wordt een verzoek om een schriftelijke beschikking ook schriftelijk ingediend (art. 4:1 Awb). Bij wettelijk voorschrift kan van deze regel worden afgeweken en kan een aanvraag mondeling worden ingediend. In principe kan een aanvraag ook elektronisch, bijvoorbeeld flexplek huren schiphol via e-mail worden ingediend.
• Voorbeeld In art. 43 lid 1 Wet werk en bijstand is impliciet bepaald dat aanvragen ook mondeling kunnen geschieden.
Art. 4:2 lid 1 Awb bevat een aantal formele elementen waaraan de aanvraag moet voldoen: de aanvraag dient ondertekend te zijn en ten minste te bevatten: naam en adres van de aanvrager; de dagtekening; een aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd.
98 3 Bestuursrecht algemeen
Het tweede lid bepaalt dat de aanvrager voorts gegevens en bescheiden dient te overleggen die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn en over welke bescheiden hij redelijkerwijs de beschikking flexplek huren rotterdam kan krijgen. Normaliter zal een bestuursorgaan zelf moeten zorgen dat het de beschikking krijgt over de gegevens die nodig zijn voor het nemen van verantwoorde beslissingen. Art. 3:2 Awb bepaalt immers dat het bestuursorgaan bij de voorbereiding van een besluit de nodige kennis vergaart over relevante feiten en de af te wegen belangen. Dit vloeit voort uit het zorgvuldigheidsbeginsel. Bij beschikkingen op aanvraag moet de aanvrager ervoor zorgen dat hij de noodzakelijke gegevens, waarover hij redelijkerwijs de beschikking kan krijgen, aan het bestuur verstrekt. Op grond van art. 4:5 Awb kan het bestuursorgaan een aanvraag buiten behandeling laten indien: de aanvrager niet heeft voldaan aan enig wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag; of de verstrekte gegevens en bescheiden onvoldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag of voor de voorbereiding van flexplek huren utrecht de beschikking; of een van de bij de aanvraag behorende gegevens in een vreemde taal is gesteld en een vertaling noodzakelijk is voor de beoordeling van de aanvraag of voorbereiding van de beschikking.

Publiekrechtelijke bevoegdheid

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Organen met deze publiekrechtelijke bevoegdheid zijn op de eerste plaats de organen die hun grondslag en regeling vinden in het publiekrecht, die dus zijn ingesteld bij of krachtens wettelijk voorschrift. Het gaat flexplek huren amsterdam hier om organen van publiekrechtelijke corporaties als Rijk, provincies, gemeenten, waterschappen en p.b.o.-lichamen. Zij zullen uiteraard volledig aan de werking van dit wetsvoorstel onderworpen zijn. Daarnaast is er een aanzienlijk aantal privaatrechtelijke rechtspersonen (vooral stichtingen en, in mindere mate, vennootschappen) die tot de overheid moeten worden gerekend, omdat organen van publiekrechtelijke corporaties een overwegende invloed uitoefenen op het beheer van deze privaatrechtelijke rechtspersonen (zie onder andere CRvB 25 november 1947, AB 1948, blz. 71; CRvB 6 april 1966, AB 1966, blz. 722 en CRvB 18 juni 1976, AB 1979/35). Ook flexplek huren schiphol de organen van de hier bedoelde privaatrechtelijke rechtspersonen vallen voor hun gehele handelen binnen het bereik van dit voorstel. Als voorbeelden van deze categorie van privaatrechtelijke rechtspersonen worden hier genoemd de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen en de Stichtingen (bureaus) voor Rechtshulp. Als derde categorie moeten in dit verband worden genoemd de privaatrechtelijke rechtspersonen die niet tot de overheid worden gerekend wegens het ontbreken van een overwegende overheidsinvloed op het beheer van deze rechtspersonen, maar die wel met een openbaar gezag zijn bekleed, dat wil zeggen dat aan hen één of meer flexplek huren rotterdam overheidstaken zijn opgedragen en de daarvoor benodigde publiekrechtelijke bevoegdheden
zijn toegekend (zie over de vraag of van een overheidstaak sprake is onder andere ARRvS 3 april 1979, AB 1979/368 en ARRvS (Vz) 19 maart 1981, AB 1982/411 ). Organen van deze privaatrechtelijke rechtspersonen zijn slechts aan te merken als bestuursorganen in de zin van art. 1 :1 van dit voorstel in de gevallen waarin zij hun publiekrechtelijke bevoegdheden uitoefenen. Zij zijn derhalve slechts voor een deel van hun werkzaamheden aan de Awb onderworpen. Voorbeelden van deze categorie zijn: de Stichting Inschrijving Eigen Vervoer en de Commissie Grensoverschrijdend Beroepsgoederenvervoer van de Stichting Nederlandse Internationale Wegvervoerorganisatie. De president is van oordeel dat er geen aanknopingspunten zijn dat verweerder tot de eerste of tot de derde categorie behoort. Verweerder is immers een privaatrechtelijke rechtspersoon en niet krachtens enig wettelijk voorschrift ingesteld. Evenmin kan worden gezegd dat de stichting publiekrechtelijke bevoegdheden zijn toegekend tot het bepalen van de rechtspositie van andere rechtssubjecten. Dan resteert de vraag of de stichting tot de tweede categorie behoort en tot de overheid moet worden gerekend omdat organen van publiekrechtelijke corporaties een overwegende invloed uitoefenen op het beheer van de stichting. Uit de statuten blijkt dat alle bestuursleden krachtens de statuten worden aangewezen door overheidsorganen, enerzijds door de Provinciale Staten van Noord-Holland en anderzijds door de gemeenteraden van de zeven bij de stichting betrokken gemeentes en dat alle financiële middelen door Provinciale Staten en de raden van de deelnemende gemeenten worden gefourneerd. Alle flexplek huren utrecht algemene bestuursleden zijn blijkens de statuten gehouden verantwoording af te leggen over het beleid, verplicht desgevraagd inlichtingen te verstrekken en voor wat het dagelijks bestuur betreft voor het gevoerde bestuur. Verslaglegging dient per jaar te geschieden en daarnaast is de toezending van een tweejaarlijkse nieuwsbrief de verplichting waaraan verweerder moet voldoen. In die nieuwsbrief moeten de genomen besluiten worden vermeld. Ook de jaarbegroting, een zogenaamde meerjarenbegroting en een beleidsplan dienen vooraf aan de Provinciale Staten en de raden van de deelnemende gemeenten te worden toegezonden. De vraag of moet worden gezegd dat de Stichting Gooisch Natuurreservaat een rechtspersoon is met enig openbaar gezag bekleed beantwoordt de president in het licht van de hiervoor uit de memorie van toelichting aangehaalde driedeling bevestigend.’ (Rb. Amsterdam 13 maart 1994, nr. Awb 94/847/ V)

Nieuwe taken

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Bij voorstellen tot het opleggen van nieuwe taken of wijziging van bestaande taken en bevoegdheden van de gemeentebesturen moeten de gemeenten worden geraadpleegd (via de Vereniging van flexplek huren amsterdam Nederlandse Gemeenten). Een bijzondere wet mag niet onnodig afwijken van het stelsel van de Gemeentewet (art. 115 Gemw). De minister van Binnenlandse Zaken coördineert het rijksbeleid dat de gemeenten raakt (art. 116 Gemw). De minister van Binnenlandse Zaken is verplicht de decentralisatie te bevorderen (art. 117 Gemw), inclusief de bewijslast dat het zo moet als er niet gedecentraliseerd wordt. Ook heeft hij de verplichting om bezwaar te maken bij andere bewindslieden wanneer deze maatregelen willen nemen die uit een oogpunt van decentralisatie ontoelaatbaar flexplek huren schiphol voorkomen. Art. 118, 119 en 120 Gemw geven regels over verplichte informatieuitwisseling tussen de gemeenten en de andere overheden, zowel incidenteel als systematisch (Centraal Bureau voor de Statistiek). Art. 123 en 124 Gemw bevatten een verwaarlozingsregeling voor het geval het gemeentebestuur het gevorderde bestuur (medebewind) niet verleent. Blijft de raad in gebreke, dan moeten burgemeester en wethouders het medebewind verlenen. Blijft het college van burgemeester en wethouders of de burgemeester in gebreke, dan grijpen Gedeputeerde Staten respectievelijk de Commissaris van de Koningin in, op kosten van de gemeente. Voor het geval de gemeente zijn autonome taken verwaarloost (bijvoorbeeld de gemeente stelt geen begroting vast), moet daarvoor krachtens de Grondwet een regeling bij afzonderlijke wet worden getroffen (art. 132 lid 5 Gemw). In het verleden is in zo’n situatie enkele malen een speciale regeringscommissaris benoemd, aan wie alle bevoegdheden van het flexplek huren rotterdam gemeentebestuur zijn toegekend.
Bevoegdheden van de gemeenteraad Art. 147 Gemw bevestigt nog eens het primaat van de raad: de raad stelt de gemeentelijke verordeningen vast voor zover de bevoegdheid daartoe niet bij wet (bijvoorbeeld art. 176 Gemw: de burgemeester kan noodverordeningen vaststellen) of krachtens de wet door de raad zelf aan burgemeester en wethouders of de burgemeester is toegekend (op grond van art. 156 Gemw kan de raad een aantal van zijn bevoegdheden aan burgemeester en wethouders delegeren). De raad is dus het primaire orgaan flexplek huren utrecht binnen de gemeente, ook het primaire bestuursorgaan, zowel op het gebied van autonomie als op het gebied van medebewind. Overigens geeft de bijzondere wetgever steeds met zo veel woorden aan van welk bestuursorgaan het medebewind wordt gevraagd, dus van ‘de gemeenteraad’ of van ‘burgemeester en wethouders’.

De Staten-Generaal

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

De Staten-Generaal houden ononderbroken zitting. De Kamers mogen alleen beraadslagingen houden en besluiten nemen indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden in de vergadering aanwezig is. Besluiten worden genomen bij meerderheid van flexplek huren amsterdam stemmen. Voor de onafhankelijkheid van de leden van de Staten-Generaal is er de Grondwetsbepaling (art. 67) dat zij stemmen zonder last, dat wil zeggen dat de Kamerleden geen dwingende opdrachten mogen aanvaarden om op een bepaalde manier hun stem uit te brengen. De vergaderingen van de Staten-Generaal zijn in het algemeen openbaar (art. 66 Gw). Leden van de Staten-Generaal zijn parlementair onschendbaar. Dit houdt in dat de parlementariërs, maar ook de ministers, de staatssecretarissen en flexplek huren schiphol andere personen die deelnemen aan de beraadslagingen in de Kamers, niet in rechte kunnen worden vervolgd of aangesproken voor hetgeen zij in de vergadering van de Staten-Generaal of van commissies daaruit hebben gezegd of daaraan schriftelijk hebben overgelegd (art. 71 Gw). Met andere woorden: parlementariërs mogen onbekommerd voor hun mening uitkomen tijdens de vergaderingen van de Staten-Generaal. Relatie tussen regering en Staten-Generaal Tegen de achtergrond van de Grondwetsbepaling uit 1848 ‘De Koning is onschendbaar, de ministers zijn verantwoordelijk’ hebben zich in de jaren 1866/1867 twee conflicten voorgedaan tussen regering en Staten-Generaal, die tot gevolg hebben gehad dat de verhoudingen tussen flexplek huren rotterdam hen permanent zijn gewijzigd. Deze conflicten (de kwestie-Meijer en de Luxemburgse kwestie) hebben ertoe geleid dat de verantwoordelijkheid van de ministers zich uitstrekt over alle daden van de Koning. Deze verantwoording moet worden afgelegd ten overstaan van het parlement. Een ander gevolg van deze conflicten is geweest dat ministers die niet meer het vertrouwen van het parlement bezitten, moeten aftreden. Dit is een regel van ongeschreven staatsrecht die altijd wordt nageleefd. Het gevolg hiervan is dat ook de benoeming van ministers alleen maar kan plaatsvinden conform flexplek huren utrecht de wensen van een parlementaire meerderheid. De relatie tussen regering en parlement wordt ten slotte nog beheerst door de Grondwetsbepaling dat één of beide Kamers der Staten-Generaal bij Koninklijk Besluit (kan) kunnen worden ontbonden (art. 64 Gw).