Maandelijks archief: oktober 2016

Woningzoekenden

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Mocht de eigenaar een woning gedurende ten hoogste dertien weken vruchteloos hebben aangeboden aan de door de gemeente aangewezen categorieën woningzoekenden, dan verlenen burgemeester en wethouders de vergunning aan de kandidaat van de eigenaar. De door de eigenaar gevraagde huurprijs bij de aanbieding mag niet hoger zijn dan maximaal redelijk, dan winkel huren amsterdam wel redelijk met het oog op de marktprijzen. Bij verkoop moet de gevraagde koopprijs eveneens redelijk zijn met het oog op de marktprijzen.
Ad c Onttrekking, samenvoeging en omzetting De omvang van de woningvoorraad is bepalend voor de mogelijkheid om aan woningzoekenden passende woonruimte te kunnen toewijzen. De rechtvaardige verdeling van schaarse woonruimte zou worden bemoeilijkt als eigenaren de winkel huren schiphol woningvoorraad zonder meer konden verkleinen. In de Huisvestingswet zijn daarom regels opgenomen waardoor onttrekking, samenvoeging en omzetting aan een vergunningstelsel kunnen worden onderworpen (art. 30 t/m 39 Huisvw): Ten eerste kan in de huisvestingsverordening worden bepaald dat woningen niet zonder vergunning aan hun bestemming kunnen worden onttrokken, door bijvoorbeeld het in gebruik nemen van een woning als kantoor of het slopen van een woning. Ten tweede kan bepaald worden dat woonruimte niet zonder vergunning mag worden samengevoegd. Ook samenvoeging leidt tot vermindering van de woningvoorraad. Ten derde kan winkel huren rotterdam verboden worden om zonder vergunning zelfstandige woonruimte om te zetten in onzelfstandige woonruimte. Ten vierde kan splitsing zonder vergunning worden verboden. Splitsing houdt in dat een eigendomsrecht op een gebouw wordt gesplitst in appartementsrechten zodat gedeelten van een gebouw als woonruimte in gebruik kunnen worden genomen. Een pand met verschillende verhuurde winkel huren utrecht woningen kan na splitsing per woning worden verkocht boven de koopprijsgrens, waardoor de goedkopewoningvoorraad wordt verkleind.

Relatie met andere wetgeving

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Art. 38a vervolgt met te bepalen dat de gemeenteraad bij het vaststellen van een bestemmingsplan rekening moet houden met de in de grond aanwezige dan wel te verwachten monumenten. De wet regelt verder dat een aanvrager om een aanlegvergunning, een winkel huren amsterdam bouwvergunning, of een vrijstelling als bedoeld in de Wet op de ruimtelijke ordening, een rapport moet overleggen waarin de archeologische waarde van het betreffende terrein moet zijn vastgesteld.
De belangrijkste taak van de provincie is het aanwijzen van archeologische attentiegebieden (art. 44 Monw).
Ad h Opgravingsvergunning Art. 45 Monw verbiedt het doen van opgravingen zonder schriftelijke vergunning van de winkel huren schiphol minister van OC&W. Onder opgravingen wordt verstaan: het verrichten van werkzaamheden met als doel het opsporen of onderzoeken van monumenten, waardoor verstoring van de bodem optreedt. Een vergunning wordt alleen verleend aan ter zake kundigen en is altijd beperkt tot een bepaalde opgraving of tot een bepaald gebied.
Wanneer derden bij opgravingen roerende monumenten vinden waarvan niemand het eigendom kan claimen, worden winkel huren rotterdam deze eigendom van de provincie, van de gemeente indien zij beschikt over een depot waarin roerende monumenten kunnen worden opgeslagen of van de staat indien de monumenten buiten het grondgebied van een gemeente zijn gevonden. De Monumentenwet heeft raakvlakken met de Woningwet, WRO en WSDV.
Woningwet Wanneer aan een monument bouwactiviteiten plaatsvinden, is naast een vergunning op grond van de Monumentenwet ook altijd een bouwvergunning op grond van de Woningwet vereist. Dit geldt ook wanneer aan een monument bouwactiviteiten plaatsvinden die op grond van de Woningwet bouwvergunningsvrij zijn (zogenoemde vrije bouwwerken). De bepalingen voor winkel huren utrecht vrije bouwwerken in art. 43 Wonw gelden namelijk niet indien er sprake is van een monument als bedoeld in de Monumentenwet of in een provinciale of gemeentelijke monumentenverordening (art. 43 lid 2 Wonw).

Aanvullende voorwaarden

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

De minister kan de vergunning weigeren als de instelling onvoldoende rekening houdt met de gevolgen voor de huurders van de te verkopen woningen. Ook als de instelling onvoldoende motiveert waarom ze niet aan een ander verkoopt, bijvoorbeeld de eigen huurder, of als het winkel huren amsterdam Bbsh niet wordt nageleefd, kan de minister weigeren de vergunning te verlenen.
Toegelaten instellingen moeten het gemeentelijke volkshuisvestingsbeleid in acht nemen (art. 1 lf Bbsh). Voor het financiële toezicht gebruikt de minister het nog te behandelen Centraal fonds voor de volkshuisvesting (subpar. 7.1.6). Het toezicht is vooral achteraf. Binnen de corporaties zelf moet het toezicht deugdelijk geregeld zijn.
7 .1 .2 Criteria voor toelating Instellingen worden slechts door de Kroon toegelaten indien de instelling uitsluitend op het gebied van de volkshuisvesting werkzaam is en alleen uitkeringen doet in het belang winkel huren schiphol van de volkshuisvesting. Art. 7 en 8 Bbsh geven aanvullende voorwaarden voor toelating. Zo moet onder andere in de statuten staan: in welke gemeente(n) de instelling werkzaam is; hoe voorzien is in een toezichthoudend orgaan op het bestuur, onafhankelijk van dat bestuur of van de instelling; dat in het bestuur of het toezichthoudend orgaan geen leden van het college van burgemeester en wethouders winkel huren rotterdam van de gemeente waar de instelling gevestigd is of werkzaam is, zitting kunnen hebben; hoe huurders voldoende invloed kunnen uitoefenen op het beleid van de instelling en ten minste één plaats in het bestuur kunnen vervullen; dat statutenwijziging slechts mag plaatsvinden na toestemming van de minister.
Vereist is dat de financiële draagkracht van de instelling voldoende is (art. 8 Bbsh).
7.1 Toegelaten instellingen en het Besluit beheer sociale-huursector 287
7.1.3 Werkzaamheden van de instellingen De toegelaten instelling is uitsluitend werkzaam op het gebied van de winkel huren utrecht volkshuisvesting. Dat gebied van de volkshuisvesting omvat uitsluitend (art. 11 lid 2 Bbsh): a het bouwen, verwerven, bezwaren en slopen van woongelegenheden en onroerende aanhorigheden (dat zijn bijbehorende onroerende bezittingen);

De aanhouding

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

De aanhouding als gevolg van de verklaring van de provincie of de minister dat een verordening respectievelijk een AMvB wordt voorbereid, duurt totdat de verordening of de AMvB in werking is winkel huren amsterdam getreden maar niet langer dan zes respectievelijk negen maanden (art. 50 lid 2 onder e en f Wonw, 4.1 lid 5 en 4.3 lid 4 Wro).
Het geldend worden van het nieuwe bestemmingsplan kan enige tijd duren. Het kan voorkomen dat een bouwplan zowel past in het geldende als in het nieuwe, nog niet geldende bestemmingsplan. Het aanhouden van de beslissing op de aanvraag bouwvergunning ligt dan niet voor de hand: het bouwplan past immers in geldend en nieuw ruimtelijk beleid. Op winkel huren schiphol grond van art. 50 lid 3 onder a Wonw kan de bouwvergunning dan zonder meer worden verleend. Indien het bouwplan niet in overeenstemming is met het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan kan de beslissing worden aangehouden. Indien het mogelijk en gewenst is een ontheffings-, project- of afwijkingsbesluit te nemen als bedoeld in art. 50 lid 3 Wonw, moet na dat besluit de bouwvergunning worden verleend. Indien het bouwplan niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan, kan de bouwvergunning worden geweigerd. Op grond van art. 46 lid 3 Wonw moet echter eerst worden nagegaan of het mogelijk en gewenst is het daar genoemde ontheffings- of projectbesluit te nemen; na dat besluit moet de bouwvergunning worden verleend.
Indien het bouwplan niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan en ook niet met het in winkel huren rotterdam voorbereiding zijnde bestemmingsplan, kan de bouwvergunning worden geweigerd. Op grond van art. 46 lid 3 en 50 lid 3 Wonw moet echter eerst worden nagegaan of het mogelijk en gewenst is het in die artikelen genoemde ontheffings- project- of afwijkingsbesluit te nemen; na dat besluit moet de bouwvergunning worden verleend.
In tabel 6.3 wordt een overzicht gegeven van besluitmogelijkheden op de aanvraag bouwvergunning. De aard van het bouwplan en de inhoud van het bestemmingsplan zijn de variabelen. Dat wil zeggen dat er geen andere weigeringsgronden zijn of redenen om de beslissing op de aanvraag aan te houden, dus dat aannemelijk is dat het bouwvergunningplichtige bouwplan voldoet aan het Bouwbesluit en de bouwverordening, het bouwplan niet in strijd is met redelijke eisen van welstand, en er geen sprake is van toepassing van de Wet Bibob, geen strijd bestaat met een exploitatieplan, geen monumentenvergunning nodig is, geen sprake is van het oprichten of veranderen van een inrichting waarvoor een vergunning op winkel huren utrecht grond van de Wet milieubeheer of de Kernenergiewet nodig is, geen sprake is van ernstige bodemverontreiniging, geen aanvraag is ingediend om een toelating als bedoeld in de Wet toelating zorginstellingen of geen ontheffing als bedoeld in art. 7 Bouwbesluit 2003 nodig is.

Internationale verplichtingen

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Veel internationale verplichtingen van Nederland vloeien voort uit Richtlijnen die door de Europese Unie worden winkel huren amsterdam vastgesteld. Deze Richtlijnen moeten door Nederland worden omgezet in een Nederlandse wettelijke regeling. Indien een EU-richtlijn of een internationaal verdrag betrekking heeft op een Woningwet-onderwerp, kan een AMvB worden vastgesteld die een weigeringsgrond voor een bouwvergunning kan opleveren. Een dergelijke AMvB is nog niet tot stand gekomen.
6.4.2 Bouwverordening In hoofdstuk 5 is ingegaan op art. 8 lid 1 Wonw op grond waarvan de gemeenteraad een bouwverordening vaststelt, die uitsluitend de voorschriften bevat ten aanzien van de in art. 8 lid 2 Wonw genoemde onderwerpen. In hoofdstuk 5 zijn de onderwerpen gebruik, slopen en winkel huren schiphol de welstandscommissie behandeld. In deze paragraaf komen de onderdelen van de bouwverordening aan de orde ten aanzien van nieuwbouw: gebruiksvoorschriften en het tegengaan van bouwen op verontreinigde bodem.
De regering zou een AMvB kunnen maken om onderwerpen aan de bouwverordening toe te voegen of de eenheid in bouwverordeningen te bevorderen (art. 8 lid 7 en 8 Wonw) waaraan de bouwverordeningen moeten worden aangepast (art. 8 lid 8 Wonw), maar van die mogelijkheid is geen gebruikgemaakt.
Gebruiksvoorschriften De bouwverordening bevat voorschriften omtrent het gebruik van woningen, woonketen, winkel huren rotterdam woonwagens, andere gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, en standplaatsen, waaronder in elk geval zijn begrepen voor
6.4 Weigeringsgronden bouwvergunning 251
schriften met betrekking tot de beschikbaarheid van drinkwater en energie en met betrekking tot brandveiligheid (art. 8 lid 2 Wonw). Deze gebruiksvoorschriften hebben ten dele een bouwtechnisch karakter.
• Voorbeeld Art. 2.1. 7 Eis tot aansluiting aan de waterleiding De in art. 3.119 van het Bouwbesluit 2003 bedoelde, in bouwwerken aan te brengen voorzieningen voor drinkwater moeten zijn winkel huren utrecht aangesloten aan het distributienet van de openbare waterleiding: a indien het bouwwerk op ten hoogste 50 m afstand van de dichtst bij zijnde leiding van het distributienet is gelegen; of b indien het bouwwerk op een grotere afstand dan 50 m van de dichtst bij zijnde leiding van het distributienet is gelegen, maar de kosten van aansluiting voor het desbetreffende bouwwerk niet hoger zijn dan bij een afstand van 50 m.

Antenne-installatie ten behoeve van mobiele telecommunicatie

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Antenne-installatie ten behoeve van mobiele telecommunicatie: 1 bij bouwen op of aan een bouwwerk: a de hoogte van de antenne is, met antennedrager, gemeten vanaf de voet, minder dan 0,5 m, en de techniekkast: is inpandig of ondergronds geplaatst; op de grond geplaatst en kleiner dan 0,2 m3 of op een plat dak geplaatst, kleiner dan 0,2 m3 en meer dan 1 m achter de winkel huren amsterdam dakrand geplaatst; of b de hoogte van de antenne is, met antennedrager, gemeten vanaf de voet, of indien bevestigd aan een gevel van een gebouw, gemeten vanaf het punt waarop de antenne, met antennedrager, het dakvlak kruist, minder dan 5 m, en: de antenne, met antennedrager, is geplaatst op een hoogte van meer dan 9 m, gemeten vanaf het bij het bouwwerk aansluitende terrein; de techniekkast: is inpandig of winkel huren schiphol ondergronds geplaatst; of op een plat dak geplaatst, kleiner dan 2 m3 en meer dan 1 m achter de dakrand geplaatst; de bedrading is in of direct langs de antennedrager of inpandig aangebracht, dan wel in een kabelgoot, mits deze kabelgoot meer dan 1 m achter de voorgevel is geplaatst; en de antennedrager bij plaatsing op het dak van een gebouw: aan of bij een het dak aanwezig object is geplaatst; in het middenj van het dak is geplaatst; of elders op het dak is geplaatst, mits de afstand in meter tot de voorgevel van het bouwwerk ten minste gelijk is aan: 18 gedeeld door de hoogte waarop de antenne, met antennedrager, is geplaatst, gemeten vanaf het bij het gebouw aansluitende terrein tot aan de voet van de antenne, met antennedrager; of 2 bij winkel huren rotterdam bouwen op of aan een hoogspanningsmast, wegportaal, reclamezuil, lichtmast, windmolen, sirenemast, een niet van een bouwwerk deel uitmakende schoorsteen, of op een bouwvergunningplichtige antenne-installatie: a de hoogte van de antenne, met antennedrager, is, gemeten vanaf de voet minder dan 5 m; b de antenne is geplaatst op een hoogte van meer dan 3 m, gemeten vanaf het bij het bouwwerk aansluitende terrein; en c de techniekkast: . inpandig of ondergronds is geplaatst; of · op de grond is geplaatst en kleiner is dan 2 m3; F andere antenne-installatie: 1 de winkel huren utrecht antenne-installatie is achter het voorerf geplaatst; 2 indien het een schotelantenne betreft: a de doorsnede van de antenne is minder dan 2 m; en b de hoogte van de antenne, met antennedrager, is, gemeten vanaf de voet, minder dan 3 m;