Maandelijks archief: maart 2017

Harvard University

Gerelateerde afbeelding

Meestal zijn het dromen die ik me niet meer goed kan herinneren de volgende dag, maar
deze keer is de droom zo helder, alsof ik het daadwerkelijk beleef.
Ik loop door een halfdonkere tunnel op een plaats die ik verder niet kan thuisbrengen. Het is doodstil om me heen en ik heb het gevoel dat ik hier zo snel mogelijk weg moet. Achter me hoor ik ineens voetstappen die snel dichterbij komen, zonder dat ik weet wie het is. Als de voetstappen dichtbij zijn, proberen twee grote, donkere handen me vast te pakken en tot stilstand te brengen. Ik draai me verschrikt om en zie een grote, duivelse man met een gemene grijns op zijn gezicht. Hij heeft me bijna te pakken. In paniek ruk ik me los en begin in het halfdonker weg te rennen. De man laat me echter niet gaan en rent hard krijsend achter me aan. Telkens weer proberen die graaiende handen mij vast te pakken, alsof we in een kat-en-muisspel/etje zijn beland. Ik raak buiten adem en voel het angstzweet over mijn rug lopen. Er is geen enkele mogelijkheid om te ontsnappen aan die ijskoude handen van de man met voelbaar slechte bedoelingen. Mijn gebrek aan conditie breekt me op en in mijn uitzichtloosheid wil ik stoppen en mezelf overgeven aan de duivelse man. Juist op dat moment zie ik in de verte een klein lichtpuntje. Mijn blik gericht op de uitgang van de tunnel gee . ft mij de kracht om door bedrijfsruimte eindhoven te rennen en over mijn eigen grenzen heen te gaan. Mijn longen doen pijn van de inspanning en ik proef bloed in mijn mond, maar aan opgeven denk ik niet meer. Mijn geest klampt zich vast aan dat kleine lichtpuntje dat steeds groter wordt.
Juist op dat moment schrik ik wakker en merk dat ik drijfnat van het zweet in bed lig. Op mijn horloge zie ik dat het zeven uur in de morgen is. Het is tijd voor een frisse douche en een goed ontbijt. Ondanks de rustige klassieke muziek in de ontbijtzaal raak ik de boze droom niet kwijt. De graaiende duivelse man voelde als de dood, die het blijkbaar op mij had gemunt. Het had ook niet veel gescheeld of ik was van het balkon van mijn flat gesprongen. Maar Renard was het lichtpuntje geweest, waar ik me aan had vastgeklampt. Vandaag is het de grote dag, waarnaar ik zo heb toegeleefd. In de hotellobby regel ik een taxi die mij naar het hoofdterrein van Harvard University brengt.

De Tempeliers

Gerelateerde afbeelding

Dit boek over de Tempeliers dat ooit een gift van mijn moeder was geweest, komt niet zomaar op mijn pad. Een gevoel van opwinding maakt zich over mij meester en ik kan het niet onderdrukken. Ik leg het blauwe boekje op tafel neer, maar mijn nieuwsgierigheid is gewekt. Zou Het Boek van de Waarheid nog bestaan? En zo ja, wat staat er dan in? Er is zoveel wijsheid, die we in oude beschavingen hebben ontdekt, maar die verloren is gegaan. Is het geen toeval dat juist ik attent word gemaakt op dit boek over de Tempeliers? Misschien heeft het iets te maken met de nieuwe invulling van mijn leven. Ik neem het boek mee naar de keuken om daar een kop koffie in te schenken. Van jongs af aan heb ik altijd geloofd dat er ergens op de wereld een geheime leer bestaat die het toeval kan verklaren. Het is een van die rare ingevingen die ik ooit heb gehad. Waarom gebeuren de dingen zoals ze gebeuren en waarom doen we dingen, zoals we deze doen? Kortom, is er kennis beschikbaar, die het leven en de wereld om ons heen kan verklaren? Misschien dat de Tempeliers ooit over deze kennis beschikten en zo het toeval konden besturen. Maar als dat zo is, waar is Het Boek van de Waarheid dan gebleven? Het is opwindend om het idee te koesteren dat er ergens op deze wereld antwoorden te vinden zijn op vragen als: bestaat het toeval?, waarom bestaan wij eigenlijk?, waarom gebeurt er wat er gebeurt? en waar gaan we naartoe als we sterven?
Misschien moet ik iets gaan doen met mijn helderziende gaven. Mijn moeder heeft me altijd gestimuleerd om op bedrijfsruimte eindhoven onderzoek uit te gaan en als kleine jongen voelde ik onbekende energieën, die nauwelijks onder woorden te brengen waren. Ik heb nog nooit met anderen over mijn spirituele gevoelens gesproken, omdat ik bang was om voor gek te worden versleten. Alleen met mijn moeder kon ik over spiritualiteit praten. Zij begreep dat er meer tussen hemel en aarde was dan wij op het eerste gezicht kunnen waarnemen. Na het overlijden van mijn vader verdween de spiritualiteit naar de achtergrond. Van dat vage gedoe moest ik vanaf mijn pubertijd niets meer hebben; het was gewoonweg niet ‘cool’ om daarover te praten. Na de universiteit nam mijn drang naar geld en erkenning ernstige vormen aan en heb ik nooit meer iets aan spiritualiteit gedaan. Al mijn energie heb ik gebruikt voor het maken van een snelle carrière, waar ik in ben geslaagd. Maar het ‘hebben’ heeft me verre van gelukkig gemaakt. Ik bevond me in een gekooid leven waar niet uit was te ontsnappen. De dagen glipten door mijn vingers heen en ik was vastgeketend aan de dagelijkse sleur, met een ongebreidelde zucht naar meer, meer en nog eens meer. Mijn financiële val en de daaropvolgende depressie hebben de deur weer opengezet naar mijn gevoelens van helderziendheid.

De Amerikaanse regering

Gerelateerde afbeelding

Het regent op deze dag, zoals het op alle dagen met rampspoed lijkt te regenen. Het is een dag die nooit meer uit mijn geheugen wordt gewist. Maandag 15 september 2008 gaat de geschiedenisboekjes in als zwarte maandag. Het afgelopen weekend heb ik slecht geslapen en ben ik meer dan humeurig geweest, alsof ik aanvoelde dat mijn hoofd vandaag gedwongen op het hakblok zou worden gelegd. Mijn voorgevoel laat me ook dit maal niet in de steek. Voor de opening van de beurs om negen uur wordt bekend gemaakt dat Lehman Brothers failliet is en dat er naar een overname kandidaat voor deze bank wordt gezocht. De Amerikaanse regering heeft het nagelaten om de zakenbank te redden, zodat er geen andere optie voor de directie van Lehman Brothers overblijft dan uitstel van betaling aanvragen. Ik zie op de televisie totaal ontredderde bankiers het hoofdkantoor in New York uitlopen met een kistje met spullen onder hun arm. Het effect van het faillissement van de zakenbank op de beurzen wereldwijd is dramatisch. De AEX daalt met 40 punten en ik houd mijn adem in. In de middag volgt het nieuws dat Merrill Lynch wordt overgenomen door Bank of America voor 50 miljard dollar. Nadat Wall Street dramatisch slecht is geopend, zakt de AEX verder weg en komt met een verlies van bijna 4 % uit op 385 punten. Het is alsof ik midden in een film terecht ben gekomen en ik weet dat ik mijn futures absoluut niet meer kan verkopen. Wat onmogelijk leek, wordt door de val van Lehman ineens wel de waarheid. Ik probeer mijn bedrijfsruimte eindhoven futures in paniek te verkopen, maar het verlies is te groot, de marktvooruitzichten zijn te onzeker en er zijn geen kopers te vinden. Die nacht werk ik wederom door en heel even schiet het idee door mijn hoofd dat ik altijd nog voor de trein kan springen. Hoe is het mogelijk dat ik in slechts een paar maanden tijd van een van de beste en meest verdienende handelaren van Nederland regelrecht afsteven op een faillissement? Zo’n scenario kunnen schrijvers zelfs in de meest fantasierijke boeken niet bedenken.
De beurskrach overheerst de media en Kathleen heeft er begrip voor dat ik wederom een nacht doortrek. Wel maakt ze zich grote zorgen om mijn gezondheid. Als ik de telefoonverbinding met haar verbreek, loop ik naar het toilet om mijn gezicht op te frissen. Ik kijk in de spiegel naar mijn asgrauwe gezicht met donkere wallen onder mijn ogen. Hoe is het mogelijk dat ik het zo heb verkloot? Er is een gerede kans dat ik tien miljoen euro in slechts een half jaar tijd ga verliezen. En ik sleep Kathleen erin mee, zonder dat ze weet wat haar boven haar hoofd hangt. Hoe vertel ik straks aan mijn grote liefde dat haar luxe leventje voorbij is en dat alles van haar wordt afgenomen en verkocht? Ik heb nu het lef niet om naar haar toe te stappen en ik vind mezelf daarom een lafbek. Ik sta wankel van de vermoeidheid op mijn benen en loop terug naar mijn werkplek met de drie beeldschermen, die allemaal roodgekleurde cijfers laten zien. Dan val ik voor een korte tijd achter mijn beeldscherm in slaap en als ik uit mijn hazenslaapje ontwaak, zie ik dat ik niet meer de enige handelaar op de vloer ben. Een aantal collega’s zit gespannen achter hun beeldscherm om te redden wat er nog te redden valt, terwijl anderen slapen.

Abraham Lincoln en John F. Kennedy

Gerelateerde afbeelding

Door de e-mail met daarin de vergelijking tussen de levens van Abraham Lincoln en John F. Kennedy, groeide mijn verlangen om inzicht te krijgen in wat ons werkelijk drijft en in hoe de wereld werkt. Ik besloot om met een open vizier naar antwoorden te zoeken. Het e-mailbericht kwam niet toevallig op 7 juli 2007 op mijn pad; het getal zeven is heilig en symboliseert de kosmos. Niet voor niets was Gods schepping op dag zeven volbracht. Dit moest dus wel een belangrijk bericht voor mij zijn, misschien zelfs het belangrijkste e-mailbericht dat ik ooit heb ontvangen. Ik besloot om mezelf af te zonderen in Parijs. Daar kon ik onderduiken in de massa mensen die de lichtstad rijk is. De wijk Montmartre heeft van jongs af aan een grote aantrekkingskracht op mij uitgeoefend. Het is alsof ik daar ooit in een vorig leven ben geweest. Ik word mijn leven lang al door een onzichtbare kracht naar Parijs toegetrokken, daar ervaar ik vrijheid en leef ik als de schrijver die op zoek is naar de ultieme waarheid. Ik slaap in de wijk Montmartre, in een klein hotel vlak naast de witte Sacre Coeur. Na de dagelijkse ochtendmeditatie zit ik de rest van de dag in het schrijverscafé Les Deux Margots op Rue Saint Germain te werken aan mijn boek.
Parijs kent een rijke historie van literaire cafés. De bekendste is het in 1875 geopende café Les Deux Margots op een van de bedrijfsruimte eindhoven drukste kruispunten van Parijs. Al meer dan honderd jaar is dit café een thuis geweest voor schrijvers. Velen van hen hebben
hier hun boeken geschreven en met hun uitgevers de publicaties van hun werk gevierd. De Engelse dichter Arthur Symons schreef er zijn The Absint Drinker. Picasso ontmoette er zijn grote liefde Dora. Oscar Wilde was hier een graag geziene gast en ook de Franse filosoof Jean Paul Sartre werkte hier. In dit Parijse café, begeleid door vele koppen cappuccino en glazen rode huiswijn, worden in een blauw schrift met een harde kaft de eerste hersenspinsels over de vierde dimensie opgeschreven. Gedachten, fantasieën en inspiratie komen bij me binnen en worden als vanzelf via mijn pen in woorden en zinnen omgezet. Op de voorkant van het blauwe aantekeningenboek staat De vierde dimensie geschreven. Zo moet het boek gaan heten, dat is mij al vanaf de eerste dag duidelijk. Het is een verhaal over de onzichtbare wereld om ons heen, die zo bepalend is voor het succes en het geluk in ons leven, maar ook voor het voortbestaan van deze planeet. Het moet een boek worden dat inzicht geeft in de wetmatigheden die in de vierde dimensie gelden. Wij zijn tijdreizigers die zelf hun bestemmingen kiezen door de realiteit met ons denken en onze aandacht te sturen. Alleen de mensheid is in staat om de planeet aarde te redden van haar ondergang, die we overigens zelf hebben veroorzaakt.

Research en ontwikkeling: gericht op innovatie

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Research en ontwikkeling: gericht op innovatie
Tot voor kort meende men wel dat er in deze functie niet veel georganiseerd kon en moest worden. Het ontwikkelen van nieuwe product-/ dienstverleningsideeën en toepassingen daarvan vergt namelijk een klimaat van vrijheid (in gebondenheid), weinig regels en procedures. Een toenemende behoefte aan vernieuwing en productinnovatie in organisaties vanuit veranderde behoeftepatronen en eisen vanuit de omgeving eist echter ook in deze bedrijfsfunctie vergroting van effectiviteit i.c. beheersing van research- en ontwikkelingsactiviteiten. Subsidiëring door de overheid heeft stellig de aandacht in bedrijven voor innovatie gestimuleerd; het management dient het initiatief en de verantwoordelijkheid hiervoor echter zelf te nemen. In grote ondernemingen dikwijls al systematisch uitgeoefend, is dat evenzo nodig in middelgrote en kleine bedrijfsruimte eindhoven organisaties (in de profit- en non-profitsectoren van onze maatschappij), dat wil zeggen: speurwerk naar ideeën, een systematische benadering van productontwikkeling, onder meer door middel van projectmanagement. Research en ontwikkeling betreft een functie die met name in de productiesectoren en dienstverlenende sectoren moet voorkomen, maar in feite ook zou moeten worden onderkend in overheidsorganisaties en andere non-profitorganisaties. Naast het systematisch aandacht schenken aan onderzoek naar nieuwe mogelijkheden behoort hiertoe ook het verder ontwikkelen en verbeteren van bestaande werkwijzen en activiteiten. In grote organisaties bevinden zich speciale afdelingen en/ of functionarissen die zich met onderzoek en ontwikkeling bezighouden. In kleine organisaties houden productiemanagers en andere lijnmanagers zich ermee bezig. In die gevallen is research en ontwikkeling feitelijk een nevenactiviteit, die niet zelden in de knel komt als het ‘lopende werk’ voor moet gaan. Een zekere ‘toevalligheid’ in de aandacht voor ontwikkelingen valt dan niet te ontkennen, met het gevaar dat men ‘ongemerkt’ achterop raakt of eigen nieuwe mogelijkheden mist. Het komt voor, met name met betrekking tot meer fundamentele research, dat een organisatie te klein is om de kosten ervan te dragen. In bepaalde bedrijfstakken en branches treft men wel externe researchlaboratoria aan die collectief gefinancierd worden. In dit verband kunnen bijvoorbeeld verschillende ‘niveaus’ van diensteninnovatie respectievelijk verbeterde dienstverleningsprocessen worden onderscheiden: diensten die totaal nieuw zijn voor de organisatie en de markt; nieuwe dienstenklassen of toevoegingen van diensten aan de bestaande dienstenklasse; belangrijke veranderingen in dienstenvormen, type diensten, nieuwe merken en dienstenvarianten die een onderneming ontwikkelt; herpositionering van bestaande diensten; bestaande diensten voor nieuwe marktsegmenten; nieuwe diensten die een zelfde resultaat opleveren tegen lagere kosten voor de onderneming.
Merk de verwantschap op van deze indeling met de mogelijkheden uit de matrix van Ansoff uit hoofdstuk 4.

Hulpmiddelen

Gerelateerde afbeelding

Hulpmiddelen hierbij zijn onder meer voorbedrukte formulieren, leesbare en overzichtelijke statische overzichten. Gegevens kunnen onder meer verwerkt en verstrekt worden door computers of beeldschermen of anderszins en kunnen ook altijd nog handmatig voor presentatie geschikt gemaakt worden. Overigens is het goed voor ogen te houden dat er onderscheid is tussen essentiële informatie (informatie die echt belangrijk is voor iemands werk) en informatie in de categorie ‘belangrijk te weten’, ofwel ‘interessant maar niet echt belangrijk’. In het Engels zou men van het eerste zeggen: ‘need to know’ (ofwel ‘must know’) en van het andere: ‘nice to know’ (in de categorieën ‘should know’ en ‘could know ‘).
informatiesystemen Informatiesystemen moeten, naast informatie over het (gevoerde) beheer van de bedrijfsmiddelen, ook informatie kunnen opleveren ten behoeve van de planning in een organisatie, bijvoorbeeld langetermijnprognoses van het rendement van investeringen, weergave van de ontwikkeling in een bepaalde sector van de arbeidsmarkt.
kan bijvoorbeeld worden bedrijfsruimte eindhoven gedacht aan een overzicht van de personeelskosten en gegevens over kwaliteitsbeheersing. Gericht op de afdelingen kan bijvoorbeeld worden gedacht aan: voorspelling van de verkopen per product, per land, per marktsegment, planning van de productie voor de volgende  maand en voorraadbeheersing, kredietbewaking van afnemers, opleidingsoverzichten van medewerkers. Op de verschillende niveaus in een bedrijf of instelling zijn bij functionarissen in verschillende afdelingen steeds drie aspecten in hun taakstelling te onderkennen. Op het eigen niveau en binnen het eigen (functionele) beslissingsgebied gaat het telkens om planning, de uitvoering van taken, het beheer van de bedrijfsmiddelen en de controle achteraf. Tezamen vormen deze aspecten de ‘control’ cyclus.
De externe informatievoorziening vanuit een organisatie is onder meer gericht op verslaglegging of op (directe) communicatie met instanties buiten de organisatie. De externe informatievoorziening heeft onder meer betrekking op jaarverslaglegging (zie paragraaf 3 .S), tussentijdse berichtgeving aan aandeelhouders, het verschaffen van inzicht aan de bank in de financiële positie van het bedrijf (balans en resultatenrekening) ten behoeve van onderhandelingen over kredietverlening. Dit kan bijvoorbeeld ook betrekking hebben op het verschaffen van gegevens over omzet, kostenontwikkeling en dergelijke aan organisaties van werkgevers of brancheorganisaties, of op het verschaffen van gegevens over lonen, omzetten, winsten en dergelijke aan de fiscus in verband met afdracht van sociale lasten en belastingen.

Bepaling van speelruimte

Gerelateerde afbeelding

Netwerk, kritieke pad en speling Om een netwerk van een project te kunnen opstellen maakt men doorgaans gebruik van twee ‘symbolen’, namelijk van: 1 Een pijl. De pijl stelt een activiteit voor. De lengte van de pijl en de hoek waaronder deze getekend is hebben geen betekenis. Van belang is slechts de onderlinge samenhang van de pijlen. 2 Een cirkel. De cirkel staat aan het begin en eind van iedere pijl en fungeert als knooppunt- of mijlpaal. Een knooppunt is pas bereikt indien alle activiteiten, waarvan de pijlen in dat knooppunt uitkomen, gereed zijn. Een activiteit kan pas beginnen als de mijlpaal, waar de pijl uitgaat, is bereikt; met andere woorden: een volgende activiteit kan pas beginnen als alle activiteiten, die daaraan vooraf moeten gaan, gereed zijn.
Wanneer het netwerk is getekend, dient men de tijdsduur per activiteit vast te stellen teneinde op die manier de totale projectduur te kunnen bepalen. Het pad waarlangs de totale kritieke pad projectduur wordt bepaald, is het ‘kritieke pad’. Het kritieke pad geeft die activiteiten aan die bepalend zijn voor de totale projectduur: versnelling of vertraging van één van die activiteiten beïnvloedt onmiddellijk en rechtstreeks de doorlooptijd van het project (de projectduur). Activiteiten die niet op het kritieke pad liggen hebben een zekere speelruimte of speling speling. Teneinde deze bedrijfsruimte eindhoven speling te kunnen bepalen, wordt vastgesteld: wanneer op zijn vroegst met een activiteit kan worden begonnen (vroegste tijdstip); wanneer op zijn laatst met een activiteit moet worden begonnen zonder de totale projectduur in gevaar te brengen (laatste tijdstip).
Om de speling te kunnen aangeven worden de cirkels gebruikt die de mijlpalen aangeven. Deze worden in drie delen verdeeld, zoals in figuur 10.9 is weergegeven. Linksboven wordt het vroegste tijdstip aangegeven, rechtsboven het laatste tijdstip. In de onderste helft wordt het nummer van het knooppunt aangegeven.
De speelruimte per knooppunt wordt bepaald door in een knooppunt het getal linksboven met het getal rechtsboven te vergelijken: het verschil is de speelruimte op dat knooppunt. Voor de berekening van het laatste tijdstip waarop een mijlpaal bereikt moet zijn om de totale projectduur niet in gevaar te brengen, gaat men steeds uit van het einde van het project en werkt terug naar het begin. Bij ieder knooppunt wordt bepaald, wat – terugwerkend – de langste tijd is die benodigd is om het knooppunt te bereiken.

Beste stijl is situatiegebonden

Gerelateerde afbeelding
Er bestaat niet iets dergelijks als de ‘beste stijl’ om met conflicten om te gaan. Een en ander is onder meer afhankelijk van de rollen die men in het (beroeps)leven vervult. Projectleiders, mensen die veelal als vernieuwers op moeten treden, zullen over het algemeen gebaat zijn met een exploratieve stijl en mensen die vaak de voorzittershamer hanteren zullen met een meer compromiszoekende rol beter uit de voeten kunnen. Bovendien zullen de meeste mensen als stijl een meer gemengde vorm hebben dan de hiervoor in schema genoemde typen. Hetzelfde geldt voor organisaties. Lang niet alle organisaties hebben een zo sterk uitgesproken stijl van omgaan met conflicten. De meeste organisaties zullen ook een mengvorm van deze stijlen bezitten. Het belang van een organisatie om zicht te krijgen op de stijl van conflicthantering ligt in het feit dat ze daar dan de mogelijkheden van kan uitbuiten. Vervolgens kan ze aangeven welke stijlverruiming bevorderlijk zou zijn voor het functioneren van de organisatie.
Organisatie, stijl van leidinggeven en (beïnvloeding van) organisatiecultuur
Organisatiecultuur is op te vatten als de gemeenschappelijke verstandhouding van de leden van een organisatie over hoe het in hun organisatie dagelijks toegaat. Het betreft daarmee het geheel van geschreven en ongeschreven regels dat het sociale verkeer tussen de medewerkers van de organisatie, alsook het verkeer met klanten, leveranciers en andere partijen in de externe omgeving kanaliseert en vormgeeft. Organisatiecultuur komt onder meer tot uiting in huisstijl, logo’s, bedrijfsauto’s, uniformen, gebouwen, portretten, mythen en verhalen, tradities rond koffiedrinken, jubilea, taalgebruik, wijze van vergaderen en vaste plaatsen. Dit zijn allemaal uitingsvormen van cultuur. In essentie gaat het echter niet om de uitingsvormen op zich, maar allereerst om de betekenis die organisatieleden hieraan toekennen. De uitingsvormen van cultuur in symbolen, helden en rituelen verwijzen naar en zijn geworteld in dieperliggende waarden en grondbeginselen, die daarmee ook het hart van de organisatiecultuur vormen. Deze kunnen (zeer) ‘sterk’ aanwezig zijn en dan bij veel organisatieleden en ongeveer op dezelfde manier voorkomen. Er kan echter ook sprake zijn van niet met elkaar overeenkomende en zelfs strijdige waardepatronen: dan is er een ‘zwakke’ cultuur. Dit komt bijvoorbeeld voor daar waar verschillende subculturen (in en tussen afdelingen) met elkaar strijden.
Culturele betekenis en bedrijfsruimte eindhoven uitingsvorm: structuur In een bedrijf waar vrouwen gewoonlijk stoppen met werken nadat ze een kind hebben gekregen, vertelt een vrouw haar chef dat ze zwanger is. Zonder dat er sprake is geweest of de vrouw het bedrijf verlaat, polst de chef alvast een andere werkneemster of ze belangstelling heeft voor de vacature die, naar de chef verwacht, zal ontstaan. ‘Moederschap’ wordt in de culturele betekenis die er in dit bedrijf aan gegeven wordt gekoppeld aan ‘geen betaalde arbeid verrichten’. De chef baseert, alsof het om een situatie zonder alternatieven gaat, zijn handelen op deze culturele betekenis. Bron: M&O, januari 1995 En inderdaad de vrouw neemt haar ontslag, ook als ze liever had willen blijven werken. Blijven werken is namelijk niet mogelijk, omdat er in haar functie geen mogelijkheden zijn om parttime te werken; en al zou ze fulltime willen blijven werken, dan zou op de tweeploegendienst geen geschikte kinderopvang kunnen worden afgestemd. De structuur is dus in overeenstemming met de culturele betekenis die andere opties uitsluit, zoals werken naast het verzorgen van kinderen. De vrouw bevestigt met haar beslissing de heersende culturele betekenis.

Onderzoek van KPMG Consulting

Gerelateerde afbeelding

In Nederland geldt dat het functieloon, gesteld op 100 %, eigenlijk altijd wordt betaald (dus ook wanneer de norm niet is gehaald). Loonlijn A geeft weer dat bij het bereiken van de norm een premie wordt gegeven (10%). Zijn de prestaties beter, dan stijgt de premie evenredig. Bij loonlijn B wordt alleen voor prestaties beter dan de norm een premie
gegeven. Loonlijn C vormt een van de talrijke andere mogelijkheden: in het begin wordt 50 % van de betere prestatie beloond (‘half-over’), maar hoe beter deze wordt, des te lager wordt de premie (degressief verband). Voorzover in Nederland prestatiebeloning wordt toegepast, gebeurt dat in hoofdzaak mulufactorbeloning door middel van de zogenoemde multifactorbeloning (meestal persoonlijke beoordeling genoemd). Gebruikelijk is dan dat personeelsleden één keer per jaar door hun manager worden beoordeeld, al dan niet in aanwezigheid van iemand van de afdeling Personeelszaken. Aan de resultante daarvan wordt een financiële vertaling gegeven. Op grond van de prestaties in de vorige periode en van omgevingsfactoren wordt een prestatienorm voor een volgende periode afgesproken tussen de manager en de individuele medewerker. Daarbij wordt niet alleen op de kwantiteit van de geleverde prestaties gelet, maar ook op de kwaliteit. Ook kan worden gekeken naar zuinig gebruik van dure hulpmiddelen, collegialiteit, betrokkenheid, initiatief, en contactuele vaardigheden.
Belangrijk is dat de gekozen bedrijfsruimte eindhoven beloningsgrondslagen voldoen aan de volgende eisen: de grondslagen moeten beïnvloedbaar zijn door de werknemer; werkgever en werknemer moeten beiden een economisch belang hebben bij een positieve invloed van de werknemer op de grondslagen; de grondslagen moeten objectief meetbaar zijn.
Zowel in nieuwe technologieën als in hedendaagse organisatiestructuren komt de nadruk meer en meer op groepen (op nog grotere eenheden) te liggen. Dit betekent dat er een individuele prestatiebeloning accentverschuiving zal gaan plaatsvinden van de toepassing van individuele prestatiebeloning naar die van groepsprestatiebeloning. Zo is bijvoorbeeld bij AKZO het maken van afspraken over individuele prestatiebeloning taboe, aldus FNV Bondgenoten (voorjaar 2002). ‘Wel valt te praten over het eigentijds belonen van de groepen. Die maken vooraf afspraken over bonussen bij een bepaald resultaat.’ Tweederde van de organisaties in Nederland kent inmiddels echter een vorm van prestatiebeloning. In 49% van de gevallen wordt dit variabele prestatieloon voor iedere medewerker afzonderlijk vastgesteld. In 19% van de organisatie is er sprake van teambeloning, en in de overige organisaties wordt het variabele deel voor de hele organisatie vastgesteld of is er sprake van een combinatie van de drie genoemde vormen. Dat blijkt uit onderzoek van KPMG Consulting onder 230 grote Nederlandse bedrijven. winstdeling Van winstdeling is sprake indien een deel van de jaarwinst van de organisatie ter beschikking van de medewerkers wordt gesteld. Winstdeling kan niet als een zelfstandig beloningsstelsel worden gezien, maar moet worden beschouwd als een aanvulling op andere stelsels. De aantrekkelijke kant is dat het een band kan scheppen tussen de medewerkers en de organisatie waarbij zij in dienst zijn. Een probleem is dat de prikkel tot het leveren van hogere prestaties die ervan uitgaat niet erg groot is.

Bijdragen vanuit de psychologie

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Bijdragen vanuit de psychologie
Tot op heden is niemand erin geslaagd het ‘raadsel’ mens zo voor te stellen dat men zichzelf en andere mensen volledig kan begrijpen. Dit betekent dat de menselijke factor in organisaties nog steeds een unieke factor is (en zoals velen zullen zeggen, ook zal moeten blijven). Tot op heden zijn er hoogstens enkele algemene inzichten en wetmatigheden bekend die iets zeggen over beïnvloedingsmogelijkheden van verschillende categorieën mensen. In het hedendaagse kantoorruimte huren amsterdam management zal men niettemin een basis moeten zien te vinden voor het ontwikkelen van stijlen van leidinggeven en het ontwikkelen van organisatorische methoden en technieken (instrumenten) die tot optimalisering van resultaten kunnen leiden. Bij het aanhalen van een aantal psychologen zal het opvallen dat elke onderzoeker zijn eigen benadering heeft. Iedereen zoekt op zijn eigen manier naar bepaalde verbanden en wetmatigheden. Legt men de verschillende theorieën naast kantoorruimte huren schiphol elkaar, dan zien we dat ze elkaar overlappen en/ of aanvullen.
Sigmund Freud (1856-1939) Een van de bekendste psychologen en baanbreker voor latere theorieën blijft nog altijd Freud Sigmund Freud. Hij is door velen geprezen, door anderen verguisd. Van hem leren we onder meer dat het grootste deel van ons handelen voortkomt uit het onbewuste. Het bewuste is volgens Freud bij de mens zelfs zo beperkt, dat hij het vergelijkt met het kleine zichtbare topje van een ijsberg. Dit betekern dan ook dat de mens nauwelijks weet wat hem motiveert, wat hem beweegt om iets te doen of juist te laten. Freuds theorieën vallen op door het terugvoeren van het menselijk gedrag op ervaringen tijdens de prille kinderjaren. Volgens hem zijn de hoofdlijnen van het menselijk gedrag al op het vijfde levensjaar bepaald. Er treden nadien alleen nog maar detailveranderingen op. Aangeboren instincten en de eigen wijze van reageren op de prikkels uit de omgeving zijn hiervoor maatgevend. Hoe belangrijk kantoorruimte huren rotterdam die instincten wel zijn, beklemtoont Freud in een interessante bewering. Hij stelt dat de uit de instincten voortgekomen gedragspatronen een soort van oerkracht blijven houden en voortdurend om bevrediging vragen alsof steeds de overlevingsvraag aan de orde is. Vermeldenswaard is voorts dat het kind, dat in zijn jongste kinderjaren steeds gewend is geweest dat anderen uit zijn omgeving zijn instinctmatige behoeften (voeding bijvoorbeeld) bevredigen, geleidelijk aan moet leren dat de omgeving niet langer tot zijn dienst staat. Sterker nog: de omgeving zal zelfs kantoorruimte huren utrecht op den duur eisen aan hem gaan stellen. Van dit leerproces zal het onder meer afüangen in welke mate het kind ooit zelfstandig en volwassen wordt. Al deze zaken, en onder meer ook de ervaringen die het kind op het gebied van prijzen en straffen heeft opgedaan, spelen ook bij het latere motivatieproces een belangrijke rol. Het voorbeeld van anderen, naar wie het kind zich modelleert, mag daarbij niet buiten beschouwing worden gelaten.
Alfred