De aanhouding

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

De aanhouding als gevolg van de verklaring van de provincie of de minister dat een verordening respectievelijk een AMvB wordt voorbereid, duurt totdat de verordening of de AMvB in werking is winkel huren amsterdam getreden maar niet langer dan zes respectievelijk negen maanden (art. 50 lid 2 onder e en f Wonw, 4.1 lid 5 en 4.3 lid 4 Wro).
Het geldend worden van het nieuwe bestemmingsplan kan enige tijd duren. Het kan voorkomen dat een bouwplan zowel past in het geldende als in het nieuwe, nog niet geldende bestemmingsplan. Het aanhouden van de beslissing op de aanvraag bouwvergunning ligt dan niet voor de hand: het bouwplan past immers in geldend en nieuw ruimtelijk beleid. Op winkel huren schiphol grond van art. 50 lid 3 onder a Wonw kan de bouwvergunning dan zonder meer worden verleend. Indien het bouwplan niet in overeenstemming is met het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan kan de beslissing worden aangehouden. Indien het mogelijk en gewenst is een ontheffings-, project- of afwijkingsbesluit te nemen als bedoeld in art. 50 lid 3 Wonw, moet na dat besluit de bouwvergunning worden verleend. Indien het bouwplan niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan, kan de bouwvergunning worden geweigerd. Op grond van art. 46 lid 3 Wonw moet echter eerst worden nagegaan of het mogelijk en gewenst is het daar genoemde ontheffings- of projectbesluit te nemen; na dat besluit moet de bouwvergunning worden verleend.
Indien het bouwplan niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan en ook niet met het in winkel huren rotterdam voorbereiding zijnde bestemmingsplan, kan de bouwvergunning worden geweigerd. Op grond van art. 46 lid 3 en 50 lid 3 Wonw moet echter eerst worden nagegaan of het mogelijk en gewenst is het in die artikelen genoemde ontheffings- project- of afwijkingsbesluit te nemen; na dat besluit moet de bouwvergunning worden verleend.
In tabel 6.3 wordt een overzicht gegeven van besluitmogelijkheden op de aanvraag bouwvergunning. De aard van het bouwplan en de inhoud van het bestemmingsplan zijn de variabelen. Dat wil zeggen dat er geen andere weigeringsgronden zijn of redenen om de beslissing op de aanvraag aan te houden, dus dat aannemelijk is dat het bouwvergunningplichtige bouwplan voldoet aan het Bouwbesluit en de bouwverordening, het bouwplan niet in strijd is met redelijke eisen van welstand, en er geen sprake is van toepassing van de Wet Bibob, geen strijd bestaat met een exploitatieplan, geen monumentenvergunning nodig is, geen sprake is van het oprichten of veranderen van een inrichting waarvoor een vergunning op winkel huren utrecht grond van de Wet milieubeheer of de Kernenergiewet nodig is, geen sprake is van ernstige bodemverontreiniging, geen aanvraag is ingediend om een toelating als bedoeld in de Wet toelating zorginstellingen of geen ontheffing als bedoeld in art. 7 Bouwbesluit 2003 nodig is.