De cash flows

De cash flows die het project genereert moeten voldoende zijn om de schuldverplichtingen zoals rente en aflossing en overige kosten te dekken. Voor de aandeelhouders van de SPV zijn de uitbetalingen op eigen vermogen residueel; – Als onderpand voor verstrekte financiering dienen alleen de flexplek huren amsterdam activa van het project, niet die van de aandeelhouders. Projectfinanciering heeft een aantal nadelen ten opzichte van bedrijfsfinanciering. De financiële en juridische structuur is complex waardoor de transactiekosten hoog zijn. Ook de kosten van het monitoren van het project zijn hoog. Daar tegenover staan een aantal voordelen. De financieringsstructuur en de allocatie van risico’s sluit veel beter aan bij de kenmerken van het project waardoor het mogelijk is een hogere hefboom te realiseren: de verhouding vreemd versus eigen vermogen is gunstiger. Een projectfinanciering heeft flexplek huren schiphol slechts beperkte gevolgen voor de balans, kredietstatus en het risicoprofiel van de aandeelhouders. Een project SPV kan een zeer complexe structuur hebben. In figuur 6.25 is een eenvoudige structuur uitgewerkt voor een DBFMO contract. DBFMO staat voor Design Build Finance Maintain en Operate en is een geïntegreerde contractvorm die gebruikt wordt voor gebouwontwikkeling. In een dergelijk contract levert een consortium van bedrijven op basis van specificaties van een publieke (of private) opdrachtgever flexplek huren rotterdam een gebouw en zorgt dit consortium gedurende een bepaalde periode voor het onderhoud en beheer van het gebouw. In ruil voor deze dienst ontvangt het consortium over de gebruiksperiode een prestatieafhankelijke beschikbaarheidsvergoeding. Het consortium richt voor deze activiteit een project SPV op, ontwerpt, bouwt en financiert de investeringen. Aandeelhouders dividend eigen vermogen (EV) Kapitaalmarkt Proj ect SPV î Bouwer Beheerder FIGUUR 6.25: PROJECT SPV VOOR DBFMO CONTRACT Publieke partij geld en kapitaal ··· · · · ··· ·-> dienst of product In deze paragraaf gaan we verder in op de structurering van de financiering van de project SPV. De focus ligt bij de passiva kant van de balans van de SPV. Het project zelf betreft de activa kant van deze balans. In de financiële structuur onderscheiden we drie tranches zie figuur 6.26: 1. Senior debt: Een tranche van één of meer preferente leningen verstrekt door een bank of syndicaat van banken. De verstrekkers van deze flexplek huren utrecht leningen hebben voorrang bij betaling van schuldverplichtingen (rente en aflossing) en maken als eerste aanspraak op de onderpanden, de activa binnen het project. De leningen in deze tranche hebben een beperkt risico en de kosten (rente) van deze leningen zijn daarom relatief laag; HOOFDSTUK 6 – SPECIALE ONDERWERPEN 1 69 2. Mezzanine: Deze tranche bestaat uit een samenstel van achtergestelde leningen Uunior debt) en/of verstrekkers van eigen vermogen die preferent zijn boven de aandeelhouders maar achtergesteld bij de senior debt. In deze tranche komt een veelheid aan structuren voor. Behalve achtergestelde leningen, vinden we ook leningen, winstdelingen of participaties, verstrekt door banken of eigen vermogen verstrekkers of converteerbare in aandelen om te zetten leningen. De kapitaalverstrekkers in deze tranche lopen een hoger risico dan de verstrekkers van senior debt en de kosten zijn daarom ook navenant hoger hetzij in de vorm van rente of in de vorm van rendementseisen die participerende vermogenverstrekkers stellen. Binnen deze tranche is een eigen hiërarchie uitgewerkt voor het recht op betalingen en zekerheden; 3. Eigen vermogen: het eigen vermogen dat de aandeelhouders van de SPV verstrekken en de dividenden die aan de aandeelhouders worden uitgekeerd. Deze tranche is achtergesteld bij alle overige tranches