Decentralisatie

Gerelateerde afbeelding

Decentralisatie is een vorm van spreiding van overheidsgezag waarbij taken en bevoegdheden worden overgedragen aan lagere overheden, die zelf verantwoordelijk zijn voor de uitoefening van deze bevoegdheden. De decentralisatie kan territoriaal zijn, dat wil zeggen dat een vrij algemeen pakket van overheidstaken in een bepaald gebied door een ander orgaan (provincie, gemeente) wordt uitgeoefend. Als de wet het toestaat, mag ook verdergaand gedecentraliseerd worden: in grotere steden hebben gemeenteraden grote delen van hun bevoegdheid ‘door-gedecentraliseerd’ naar deelraden. Naast territoriale decentralisatie is er sprake van functionele decentralisatie. Dat houdt in dat een bepaalde omschreven overheidstaak door een ander orgaan wordt vervuld in het gehele gebied van de staat; bijvoorbeeld de publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie (zie daarvoor subpar. 2.5.4).
Alleen de specifieke bevoegdheden gericht op de gegeven taakstelling
Bij decentralisatie kan, naast het onderscheid in functionele en territoriale decentralisatie, nog een ander onderscheid worden gemaakt, namelijk tussen autonomie en medebewind. Kijkt men bij territoriale en functionele decentralisatie vooral naar het gebied en de omvang van de bevoegdheden, bij autonomie en medebewind wordt vooral gekeken naar de oorsprong van de bevoegdheden. De overgedragen taken zijn deels van oudsher, van vóór het tot stand komen van de Nederlandse staat, door de ‘gemeentelijke’ of ‘provinciale’ overheden uitgeoefend (de eigen huishoudens), deels zijn het nieuwe taken waarvoor de medewerking door de flexplek eindhoven centrale overheid is ingeroepen. Handelt de lagere overheid op eigen initiatief en min of meer zelfstandig en is er dus sprake van besturen van de eigen huishouding van de lagere overheid, dan is er sprake van autonomie. De lagere overheid heeft dus de vrijheid om in eigen autonome aangelegenheden regelend en besturend op te treden. De basis voor de autonomie van bijvoorbeeld de gemeente is gelegen in art. 108 lid 1 Gemeentewet (Gemw):
‘De bevoegdheid tot regeling en bestuur inzake de huishouding van de gemeente wordt aan het gemeentebestuur overgelaten.’