Het ISO-toezicht

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Het ISO-toezicht rammelt Bedrijven hebben nauwelijks keus: ze moeten meedoen met de ISO-rage. Certificeerders verdienen er goed aan. Maar deugt de controle op deze bureaus wel?
Sinds begin jaren negentig eisen veel bedrijven dat hun leveranciers zich laten toetsen aan de normen van de International Standards Organisation, waarvan de IS0-9000-serie de bekendste is. Veel ondernemingen en kwaliteitsadviseurs vinden echter juist dat het kwaliteitsdiploma vooral papieren flexplek huren amsterdam rompslomp oplevert. Bovendien vinden ze de certificerende instellingen niet altijd even onafhankelijk. Zeker de grote certificeerders (Lloyds, BVQL, Veritas, Kema) houden zich bezig met zowel certificatie als advies. Een belangrijk deel van de kritiek richt zich op de Raad voor Accreditatie. Deze toezichthoudende instelling verleent tegen betaling aan certificeerders een accreditatie, een soort keurmerk. Dat levert de Raad jaarlijks zo’n drie miljoen gulden op. De Raad ziet er onder meer op toe dat certificeerders die accreditatie waard blijven. Volgens critici zou de Raad door die donaties niet onafhankelijk genoeg zijn en te weinig daadkrachtig optreden. Dat een en dezelfde certificeerder kan adviseren én beoordelen, is volgens de Raad geen reden om voor belangenverstrengeling te vrezen. De Raad schrijft immers voor dat de advies-en controletak van certificerende instellingen juridisch gescheiden moet worden. Stelt zo’n scheiding praktisch iets voor? Het komt voor dat de adviseur en de auditor in één auto naar een flexplek huren rotterdam bedrijf rijden voor een audit. Zeker bij kleine bedrijven is de scheiding tussen certificatie en advies heel dun, ook al is hij juridisch geregeld. De overheid mengt zich bewust niet in de problematiek. Het t?ezicht is, in het kader van de deregulering, aan de markt overgelaten. Het moet wel heel erg misgaan, wil er ingegrepen worden. Als de kwaliteit van de certificaten al te beroerd wordt, zal de markt wel reageren.